De vijf fasen van ieder IoT-project

19 september 2017

Het Internet of Things (IoT) onder­steunt digi­ta­li­se­ring en biedt bedrijven vele moge­lijk­heden. De data die voort­komen uit met het internet verbonden apparaten resul­teren vaak in inzichten die trans­pa­rantie verbe­teren en produc­tie­pro­cessen opti­ma­li­seren. Zelfs als het gaat om zoiets alledaags als een IoT-koffie­zet­ap­pa­raat. Dankzij de verbin­ding met het netwerk weet zo’n koffie­zet­ap­pa­raat op welk moment van de dag een bepaald type koffie het popu­lairst is. Of wanneer de meeste koffie wordt gedronken. Of hij waar­schuwt je wanneer er onderhoud nodig is.

Toch is zo’n IoT-project niet zomaar te reali­seren – zelfs al gaat het om een koffie­zet­ap­pa­raat. Er dient rekening te worden gehouden met vijf fasen die van toepas­sing zijn op ieder project: verza­melen, verplaatsen, opslaan, analy­seren en archiveren.

  1. Verzamelen
    Fase één omvat het vast­leggen van sensor­data en ervoor zorgen dat deze data kan worden door­ge­stuurd. Retro­fit­ting stelt hierbij vast hoe een ouder apparaat met het internet te verbinden is. Hoewel deze appa­ra­tuur wel over interne sensoren beschikt, is dit vaak geen IP-data, en moet deze worden omgezet. Bijvoor­beeld met een edge-gateway, die de oorspron­ke­lijke data vertaalt en dan door­stuurt. Ook bestaan er systemen die met een webcam bepaalde signalen vast­leggen en vervol­gens omzetten in IP-data met behulp van kunst­ma­tige intel­li­gentie. Hierna wordt de data door­ge­stuurd voor evaluatie. Nieuwere IP-appa­ra­tuur is daarnaast simpelweg te upgraden.
  2. Verplaatsen
    Dan komt het veilig verplaatsen van data van het apparaat naar het data­center. Hier komen switching‑, routing‑, firewall- en draadloze tech­no­lo­gieën bij kijken. Daarnaast is het belang­rijk om het juiste commu­ni­ca­tie­pro­tocol te selec­teren. Er bestaan zo’n vijftig verschil­lende proto­collen voor data­sen­sor­com­mu­ni­catie, maar een univer­sele standaard ontbreekt nog. Alleen apparaten die dezelfde taal spreken, kunnen met elkaar commu­ni­ceren. MQTT (Message Queue Telemetry Transport) is momenteel het meest gebruikte open message protocol voor machine-to-machine-communicatie.
  3. Opslaan
    De volgende stap is het opslaan van sensor­data en de analyse ervan mogelijk maken. De toege­paste tech­no­logie is afhan­ke­lijk van de situatie. Zo kunnen bedrijven die data-analyse uitvoeren met Hadoop  zich het beste wenden tot high-perfor­mance storage-oplos­singen. Als het op edge-computing aankomt, worden SSD’s gebruikt voor opslag op indu­striële pc’s. En stream-analytics – oftewel de realtime bere­ke­ningen van data­stromen – vergt zeer snelle flash-resources. Verder is de zeer schaal­bare cloud juist geschikt voor het opslaan van grote hoeveel­heden data in het centrale data lake. Met een goed bestu­rings­sys­teem voor data­ma­na­ge­ment, data­ba­se­sys­temen als NoSQL of tradi­ti­o­nele SQL-databases, is het daarnaast mogelijk om data eenvoudig te verhuizen naar een andere storage-oplossing.
  4. Analyseren
    Fase vier bestaat uit het analy­seren van de sensor­data. Ook hier bepaalt de situatie de oplossing. Het Hadoop-kader en de NoSQL-database-oplos­singen zijn geschikt voor het verwerken van grote hoeveel­heden gestruc­tu­reerde en onge­struc­tu­reerde data uit het data-lake. SAP HANA of SAP Business Objects worden meestal gebruikt voor realtime analyses. Daarnaast speelt ook het verbinden van de analy­se­re­sul­taten met het ERP-systeem  van bedrijven een rol in deze fase.
  5. Archiveren
    De vijfde fase draait om het archi­veren van de sensor­data voor een langere periode. Belang­rijk onderdeel hiervan is een op rollen geba­seerde , geau­to­ma­ti­seerde data­clas­si­fi­catie. De clas­si­fi­catie verwij­dert auto­ma­tisch data die niet langer bewaard hoeft te worden, en geeft toegang tot storage-tiering. Storage-tiering houdt in dat data op basis van rele­vantie wordt opge­slagen op verschil­lende opslag­media. Nieuwere data wordt bijvoor­beeld opge­slagen op snelle systemen, terwijl oudere data wordt opge­slagen op minder krachtige en goed­ko­pere storage-oplossingen.

“Bij de aanvang van een IoT-project is het belang­rijk om aller­eerst de doel­stel­lingen op papier te zetten”, zegt Wessel Gans, Senior Systems Engineer Benelux bij NetApp. “Dit leidt tot de vragen ‘Welke data heb ik nodig?’, ‘Waar komen deze data vandaan en hoe kan ik ze verza­melen?’. En ‘Moeten deze data on-premises of in de cloud worden geana­ly­seerd?’ en ‘Hoe lang en waar wil ik de data opslaan?’. Voordat het project wordt gestart doorlopen we eerst de vijf project­fasen. Zodra de basis is gelegd, en het test­pro­ject, dat bijvoor­beeld bestaat uit het verza­melen van de data van één apparaat, is afgerond, is het tijd voor de volgende stap. Deze bestaat uit het selec­teren van de juiste IoT-leve­ran­cier, die met een netwerk van partners werkt en zo alle vijf de fasen van het IoT-project uit handen neemt en tege­lij­ker­tijd overzicht houdt. Dát is de sleutel tot een succesvol IoT-project.”

Zelf ervaren hoe zo’n IoT-project werkt en ontdekken welke voordelen IoT met zich meebrengt? Dit najaar staat NetApp met het IoT-koffie­zet­ap­pa­raat op verschil­lende beurzen. Deze week is NetApp aanwezig bij de Big Data Expo in de Jaarbeurs. Kom langs op stand­nummer 80 en bespreek de moge­lijk­heden van IoT onder het genot van een kopje koffie 4.0.

Pin It on Pinterest

Share This