Nextcloud bestaat tien jaar. Voor oprichter en CEO Frank Karlitschek was dat tijdens de Nextcloud Community Conference in Berlijn aanleiding om terug te kijken. Niet alleen op de groei van het bedrijf en de technologie, maar vooral op de uitgangspunten waarmee Nextcloud in 2016 werd opgericht. Volgens Karlitschek zijn die principes door de huidige geopolitieke en technologische ontwikkelingen alleen maar relevanter geworden.
Nextcloud begon in juni 2016 als een relatief klein open-sourceproject, met het idee dat gebruikers en organisaties zelf controle moeten kunnen houden over hun gegevens. Inmiddels is het uitgegroeid tot een compleet samenwerkingsplatform voor onder meer bestanden, documenten, agenda’s, e‑mail, chat en videobellen. De software wordt gebruikt door bedrijven, overheden, onderwijsinstellingen en individuele gebruikers.
Tijdens zijn presentatie in Berlijn benadrukte Karlitschek dat de ontwikkeling van Nextcloud nooit alleen om software heeft gedraaid. De achterliggende vraag was steeds wie de controle heeft over digitale communicatie, documenten en bedrijfsgegevens.
“Toen we tien jaar geleden begonnen, ging het vooral over privacy”, stelde Karlitschek. Inmiddels is het gesprek volgens hem veel breder geworden. Organisaties kijken niet alleen naar gegevensbescherming, maar ook naar digitale autonomie, continuïteit, veiligheid en afhankelijkheid van buitenlandse technologiebedrijven.
Een missie die steeds actueler wordt
Toen Nextcloud in 2016 werd opgericht, werd de markt voor online samenwerking al grotendeels beheerst door grote Amerikaanse technologiebedrijven. Privacy was bij veel clouddiensten volgens Karlitschek eerder een aanvullende functie dan een centraal ontwerpprincipe.
Nextcloud wilde daar een alternatief tegenover zetten: open-sourcesoftware die een organisatie op de eigen infrastructuur, bij een zelfgekozen hostingprovider of binnen een private cloud kan gebruiken. De gebruiker bepaalt daarbij waar de data staan en wie toegang heeft.
Volgens Karlitschek is die oorspronkelijke missie in tien jaar niet fundamenteel veranderd. De omgeving waarin Nextcloud opereert, is dat wel. Cloudsoftware is inmiddels cruciale infrastructuur geworden. Overheden, bedrijven en publieke organisaties gebruiken digitale samenwerkingsplatforms voor vrijwel al hun dagelijkse processen.
Daarmee is de keuze voor een platform volgens hem niet alleen een technische of financiële beslissing. Het is ook een strategische keuze over eigenaarschap, afhankelijkheid en zeggenschap.
De belangrijkste lessen uit tien jaar Nextcloud
Karlitschek noemde tijdens zijn terugblik verschillende elementen die bepalend zijn geweest voor de ontwikkeling van Nextcloud:
- Controle over data blijft het uitgangspunt. Gebruikers en organisaties moeten zelf kunnen bepalen waar hun gegevens worden opgeslagen, wie ze verwerkt en onder welke juridische voorwaarden dat gebeurt.
- Open source is meer dan toegang tot broncode. Het open ontwikkelmodel maakt controle, aanpassingen en onafhankelijke beveiligingsonderzoeken mogelijk. Tegelijkertijd benadrukte Karlitschek dat open source alleen werkt wanneer er een actieve gemeenschap en een duurzaam ecosysteem rond de software bestaan.
- De community vormt de basis. Nextcloud wordt niet uitsluitend door het bedrijf ontwikkeld. Onafhankelijke programmeurs, vertalers, beheerders, appontwikkelaars, klanten en technologiepartners leveren bijdragen. Volgens Karlitschek maakt juist deze samenwerking Nextcloud anders dan gesloten platforms.
- Een open-sourcebedrijf moet financieel duurzaam zijn. Goede bedoelingen en vrijwillige bijdragen zijn volgens hem niet voldoende om software langdurig te onderhouden. Er zijn professionele ontwikkelaars, beveiligingsteams, ondersteuning en investeringen in de architectuur nodig.
- Digitale soevereiniteit vraagt om praktische alternatieven. Alleen spreken over onafhankelijkheid van Big Tech heeft weinig effect wanneer organisaties geen bruikbare migratiepaden, ondersteuning en compatibele toepassingen hebben.
- Gebruiksgemak is net zo belangrijk als onafhankelijkheid. Gebruikers stappen niet automatisch over omdat een product open source of Europees is. De software moet in het dagelijkse werk minstens zo prettig en betrouwbaar functioneren als de bekende commerciële alternatieven.
- Samenwerking is noodzakelijk. Geen enkel Europees technologiebedrijf kan zelfstandig alle onderdelen van een digitale werkplek leveren. Nextcloud werkt daarom samen met hostingbedrijven, infrastructuurleveranciers, kantoorsoftwareontwikkelaars en integratiepartners.
- Onderhoud krijgt vaak te weinig aandacht. Nieuwe functies zijn zichtbaar, maar een groot deel van het ontwikkelwerk bestaat uit het verbeteren van prestaties, betrouwbaarheid, beveiliging en schaalbaarheid. Bij Nextcloud Hub 26 Spring had slechts 4 procent van de codewijzigingen betrekking op nieuwe functies; het overgrote deel ging naar onderhoud en technische verbeteringen.
Van bestanden delen naar complete werkplek
De ontwikkeling van Nextcloud laat ook zien hoe sterk de markt in tien jaar is veranderd. Het platform begon vooral als een manier om bestanden op een eigen server te bewaren en tussen apparaten te synchroniseren.
Daar zijn in de loop der jaren steeds meer functies bij gekomen. Gebruikers kunnen inmiddels gezamenlijk documenten bewerken, videogesprekken voeren, chatten, projecten beheren en agenda’s, contacten en e‑mail gebruiken. Via een modulair appsysteem kunnen organisaties de omgeving verder uitbreiden.
Ook kunstmatige intelligentie is onderdeel van het platform geworden. Daarbij probeert Nextcloud vast te houden aan het uitgangspunt dat organisaties zelf moeten kunnen kiezen waar modellen draaien en hoe gegevens worden verwerkt. AI mag volgens die benadering niet automatisch betekenen dat vertrouwelijke informatie naar een externe clouddienst wordt gestuurd.
Daarnaast richt Nextcloud zich steeds nadrukkelijker op grote organisaties. Functies voor compliance, gegevensclassificatie, archivering en juridisch beheer moeten het platform geschikt maken voor overheden en bedrijven die met strenge regelgeving te maken hebben.
Nextcloud zegt inmiddels door tienduizenden private en publieke organisaties en door tientallen miljoenen individuele gebruikers te worden gebruikt. Het bedrijf is sinds de oprichting organisch gegroeid en is volledig in handen van zijn medewerkers.
Europese digitale autonomie
In de terugblik van Karlitschek speelde Europa een belangrijke rol. De discussie over digitale soevereiniteit is de afgelopen jaren steeds concreter geworden. Overheden en bedrijven onderzoeken hoe zij minder afhankelijk kunnen worden van Amerikaanse hyperscalers en softwareleveranciers.
Volgens Karlitschek beschikt Europa over veel van de benodigde technologie, kennis en bedrijven. Het probleem zit eerder in de toepassing ervan. Europese organisaties geven nog altijd grote bedragen uit aan platforms waarover zij zelf weinig zeggenschap hebben.
Open-sourcealternatieven moeten daarom niet alleen worden ontwikkeld, maar ook daadwerkelijk worden aangeschaft en ingezet. Dat vraagt om politieke keuzes, aangepaste aanbestedingen en de bereidheid om migratieprojecten uit te voeren.
De groeiende belangstelling is zichtbaar bij grote implementaties. Zo gebruikt het Franse ministerie van Onderwijs een Nextcloud-omgeving die is opgeschaald naar 1,2 miljoen gebruikers. Ook ministeries, universiteiten, telecombedrijven en maatschappelijke organisaties zetten het platform in.
Toch waarschuwt Karlitschek ervoor digitale soevereiniteit niet te reduceren tot de vestigingsplaats van een leverancier. Een Europees hoofdkantoor betekent niet automatisch dat gebruikers volledige controle over hun software en gegevens hebben. Van belang zijn ook de beschikbaarheid van broncode, de infrastructuur, de juridische zeggenschap, open standaarden en de mogelijkheid om van leverancier te wisselen.
Geen afgerond project
Het tienjarig bestaan betekent dan ook niet dat Nextcloud zichzelf als voltooid beschouwt. De eisen aan digitale werkplekken blijven veranderen. Gebruikers verwachten betere prestaties, eenvoudiger beheer, mobiele toegang, kunstmatige intelligentie en compatibiliteit met bestaande documentformaten.
Tegelijkertijd worden beveiliging, regelgeving en geopolitieke afhankelijkheden belangrijker. Nextcloud moet daardoor twee ontwikkelingen combineren: het platform moet technisch aantrekkelijk blijven voor eindgebruikers, terwijl organisaties tegelijkertijd meer controle en bestuurlijke zekerheid krijgen.
Karlitschek ziet het jubileum daarom vooral als een tussenstation. De oorspronkelijke ambitie – mensen en organisaties controle geven over hun digitale gegevens – staat nog steeds centraal. Alleen is de schaal waarop die vraag speelt aanzienlijk groter geworden.
Wat tien jaar geleden voor veel organisaties nog een principiële discussie over privacy was, is inmiddels een strategisch vraagstuk geworden. De vraag is niet langer uitsluitend waar bestanden worden opgeslagen. Het gaat erom wie uiteindelijk de digitale infrastructuur controleert waarop bedrijven, overheden en samenlevingen steeds sterker vertrouwen.

