imec.digimeter: ‘Bijna alle Vlamingen kunnen digitaal connecteren, maar dat is geen garantie dat ze ook digitaal kunnen functioneren’

20 april 2021

Imec, onder­zoeks- en inno­va­tiehub op het vlak van nano-elek­tro­nica en digitale tech­no­logie, presen­teert vandaag de twaalfde editie van de imec.digimeter. Enerzijds valt op dat het coro­na­jaar 2020 zorgde voor een aanzien­lijke digitale versnel­ling. De Vlaming inves­teerde immers nog meer tijd en geld in slimme schermen en digitale plat­formen, en de gemid­delde dage­lijkse mobiele scherm­tijd schoot met bijna 40 minuten de hoogte in (met een stijgend gebruik van sociale media als absolute exponent).

In haar streven naar een digitaal inclusief Vlaan­deren staat de overheid ander­zijds nog voor een aantal belang­rijke uitda­gingen. Zo moeten de achter­blij­vers – die het ontbreekt aan toegang tot digitale (basis)technologie en de juiste vaar­dig­heden – snel terug mee aan boord genomen worden. Daarnaast moet er voldoende aandacht zijn voor de grote groep Vlamingen die op dit moment wel mee is, maar zich niet klaar voelt om de tech­no­logie van morgen (zoals arti­fi­ciële intel­li­gentie) te omarmen. Hun bezorgd­heden moeten verder worden weggewerkt.

Coronajaar 2020: het jaar van de digitale versnelling

“Een eerste conclusie van de nieuwe imec.digimeter is dat de Vlamingen het voorbije jaar nog meer tijd en centen in hun digitale levens­stijl hebben geïn­ves­teerd,” zegt Lieven De Marez, professor nieuwe commu­ni­ca­tie­tech­no­lo­gieën bij mict – een imec onder­zoeks­groep aan de UGent. Vooral de inves­te­ring in extra schermen is opvallend. Uit de voorbije edities van de imec.digimeter bleek immers dat bijna elke Vlaming al minstens één slim toestel ter beschik­king had. Toch gaf 5 procent van de respon­denten aan dat zij bij de start van de lockdowns over te weinig schermen beschikten om vlot van thuis uit te kunnen werken en/​of studeren. En ook in functie van (buitensport)activiteiten werden extra digitale tools aange­schaft. Zo steeg het aantal wearables – zoals spor­t­hor­loges – opnieuw met 7 procent­punt; 37 procent van de Vlamingen bezit er nu eentje. 

“Digitale media­plat­formen kenden eveneens een boeren­jaar. Betalende plat­formen voor het streamen van films en series, bijvoor­beeld, kunnen onder­tussen al 50 procent van de Vlamingen bekoren (+5 procent­punt). Opnieuw zorgde de coron­a­pan­demie hier voor een duide­lijke versnel­ling: 9 procent van de Vlamingen ging in 2020 één of meerdere strea­mingabon­ne­menten aan als direct gevolg van de lockdowns,” duidt Lieven De Marez.

“Het hoeft dus niet te verbazen dat de scherm­tijd eveneens de hoogte is inge­schoten,” vervolgt hij. “Ons MobileDNA-onderzoek – waarmee we het smartpho­ne­ge­bruik van de Vlaming nauw­keurig in kaart brengen – toont aan dat de gemid­delde mobiele scherm­tijd is toege­nomen tot 3 uur en 5 minuten per dag; een stijging met 37 minuten. Vooral het gebruik van sociale media boomde, als antwoord op de social distan­cing en lock­down­maat­re­gelen: in 2020 bracht de Vlaming dagelijks 73 minuten door op sociale media­plat­formen – tegenover 49 minuten in 2019. TikTok, in het bijzonder, is aan een opmars bezig. In de categorie 16- tot 24-jarigen gebruikt 33 procent de app op dage­lijkse basis, en slorpt gemiddeld bijna 1 uur aan scherm­tijd per dag op. Dat komt vooral omdat TikTok in grotere tijds­blokken bekeken wordt – net zoals tv-programma’s. Vraag is nu of de app op termijn effectief de concur­rentie zal aangaan met de klassieke zenders.”

Bijna 40 procent van de Vlamingen staat dankzij corona positiever ten opzichte van technologie

Een tweede opval­lende conclusie van de nieuwe imec.digimeter-bevraging is dat de coron­a­pan­demie gezorgd heeft voor een posi­tie­vere attitude ten opzichte van (digitale) tech­no­logie. Dat was voor 38 procent van de Vlamingen het geval. Daarnaast gaf 64 procent van de Vlamingen aan dat tech­no­logie het leven in volle lockdown aange­namer maakte (bij jongeren tussen 16 en 24 jaar bedroeg dat cijfer zelfs 81 procent). Corona heeft met andere woorden een stukje wantrouwen weggenomen.

Toch is 80 procent nog niet klaar voor de technologie van morgen

“Maar ondanks die digitale versnel­ling is de Vlaming niet per se klaar voor de tech­no­logie van morgen – zoals de intro­ductie van arti­fi­ciële intel­li­gentie; de digitale kloof is immers verre van overbrugd,” consta­teert Lieven De Marez.
Die digitale kloof komt tot uitdruk­king op drie vlakken. Het is een kwestie van:

  • Toegang hebben tot technologie;
  • Over de juiste (basis)vaardigheden beschikken om met die tech­no­logie om te gaan;
  • Het hebben van een positieve attitude ten opzichte van technologie;

De Marez: “Wat dat laatste betreft, hebben we het afgelopen jaar – zoals gezegd – de grootste voor­uit­gang geboekt: digitale tech­no­logie krijgt vandaag het voordeel van de twijfel. Toch geeft 45 procent van de onder­vraagden aan dat die tech­no­logie voor hen té snel evolueert, tegenover 41 procent in 2019. En twee op de tien Vlamingen zegt niet over de juiste vaar­dig­heden te beschikken om er optimaal gebruik van te kunnen maken.”

“En er is meer,” zegt hij. “Zelfs wat de toegang tot tech­no­logie betreft, blijkt er nog werk aan de winkel. Ik verwees al naar de Vlamingen die schermen tekort­kwamen. Daarnaast blijkt dat 4 procent buitens­huis moet gaan om een verbin­ding met het internet te kunnen maken.”

Hoe krijgen we iedereen aan boord?

“We moeten vandaag conclu­deren dat, hoewel bijna alle Vlamingen digitaal kunnen connec­teren, dat geen garantie biedt dat ze ook allemaal digitaal kunnen func­ti­o­neren. Daar ligt een belang­rijke rol voor de overheid: in ons streven naar een digitaal inclusief Vlaan­deren moeten we er immers voor zorgen dat iedereen aan boord is; niet alleen de kleine groep Vlamingen die nu al volledig mee is, maar ook degenen die echt zijn achter­ge­bleven én de grote midden­groep die zich nog steeds bezorgd toont over aspecten zoals digital wellbeing, fake news en privacy. Uitein­de­lijk omvatten die twee laatste groepen liefst 80 procent van de Vlamingen,” besluit De Marez.    

“Digitaal trans­for­meren is niet alleen voor­uit­kijken, maar ook achter­om­zien,” zegt Dimitri Schuurman, Compe­tence Manager Business & Domain Expertise bij imec. “De digimeter schetst samen met de eHealth-monitor, de AI- en cyber­se­cu­rity-barometer en de Smart City Meter een breed beeld van de tech­no­lo­gi­sche adop­tie­graad in Vlaan­deren. De inzichten uit onze meter­stu­dies zijn belang­rijke ingre­di­ënten om verschil­lende inno­va­tie­pro­jecten verder richting te geven. Uit deze imec.digimeter blijkt dat er nog heel wat werk aan de winkel is. De digitale trans­for­matie voltrekt zich duidelijk op verschil­lende snelheden en lijkt een aantal verschillen tussen Vlaamse burgers nog te accen­tu­eren. De vraag is niet of we verder moeten digi­ta­li­seren, maar wel hoe we de digitale trans­for­matie op een inclu­sieve manier kunnen vormgeven. Burgers, kennis­in­stel­lingen, overheden en bedrijven moeten de krachten bundelen om deze vraag te beantwoorden.”

Minister van Innovatie Hilde Crevits: “De Digimeter 2020 toont aan waarom we in Vlaan­deren inzetten op het versterken van digitale vaar­dig­heden. Zo zijn er ‘Digi­banken’ waar laptops, tablets en hardware ter beschik­king zijn voor zij die digitale achter­stand kennen en waar men op opleiding en digitale onder­steu­ning kan rekenen. Met versterkte compe­ten­ties kunnen mensen ten volle de meer­waarde van digitale diensten en tech­no­logie ervaren. Ook inves­teren in het nodige vertrouwen in tech­no­logie is nood­za­ke­lijk, met focus op ethische vraag­stukken en de betrok­ken­heid van burgers. Dit geldt zeker voor arti­fi­ciële intel­li­gentie. Als minister van Innovatie heb ik hier aandacht voor in de werking van het Kennis­cen­trum Data & Maat­schappij en het beleid rond weten­schaps­com­mu­ni­catie. Iedereen moet mee op de digitale trein! Met 86% van de Vlamingen die er vertrouwen in hebben dat ze in staat zijn digitale vaar­dig­heden te leren en 69% van de onder­vraagden die geïn­te­res­seerd zijn in digitale tech­no­lo­gieën, kijk ik positief naar de toekomst.”

Pin It on Pinterest

Share This