Rittal en iLOQ lanceren een geïntegreerde oplossing voor fysieke toegangscontrole binnen kritieke omgevingen

20 oktober 2026

Nadat Rittal en iLOQ eerder hun stra­te­gisch part­ner­schap aankon­digden, maken de bedrijven nu de tech­no­logie achter die samen­wer­king bekend. De oplossing inte­greert de batte­rij­loze RS50-cylinder van iLOQ recht­streeks in de behui­zingen van Rittal. Zo krijgen orga­ni­sa­ties een concreet antwoord op de fysieke-bevei­li­gings­eisen van de Europese NIS2-richtlijn. Zowel nieuwe als bestaande instal­la­ties kunnen ermee worden uitgerust, zonder beka­be­ling, batte­rijen of ingrij­pende aanpas­singen aan de bestaande infrastructuur.
​
​Voor veel orga­ni­sa­ties blijft NIS2-compli­ance een abstract gegeven zolang het niet vertaald wordt naar concrete producten en processen op de werkvloer. Precies hier maakt Rittal met ZeroKey het verschil: een kast, uitgerust met een digitale cilinder die de klassieke mecha­ni­sche sluiting vervangt en meteen ook zorgt voor traceer­baar­heid en centraal beheer. “Met ZeroKey willen we NIS2-compli­ance tastbaar maken voor onze klanten”, zegt Koen Wolf­ca­rius, Managing Director bij Rittal België. “Het is mooi om te spreken over geïn­te­greerde bevei­li­ging, maar orga­ni­sa­ties hebben vooral nood aan een oplossing die ze morgen al kunnen instal­leren, in hun bestaande kasten, zonder hun volledige infra­struc­tuur op de schop te gooien. Dat is exact wat Rittal met ZeroKey biedt.”

​Eén cilinder, twee toepassingen

​De kern van ZeroKey is een digitale iLOQ cilinder. Voor nieuwe projecten biedt Rittal de oplossing aan als ZeroKey Enclosure: kasten die in de productie worden uitgerust met een iLOQ-cilinder. Voor bestaande instal­la­ties is er ZeroKey Retrofit, waarbij de bestaande cilinder in Rittal-behui­zingen ter plaatse wordt vervangen door een iLOQ-cilinder en dit zonder boren, kabels of downtime, en met een veel lagere inves­te­ring dan een volledige vervan­ging van de kast.

Beide varianten worden aange­stuurd via een beheer­plat­form, waarmee orga­ni­sa­ties toegangs­rechten digitaal en centraal kunnen beheren. Het systeem is bewust ontworpen om mee te schalen met de klant, van een piloot­pro­ject met een tiental kasten tot een uitrol over duizenden racks verspreid over meerdere sites. De aanpak blijft dezelfde: met één cilinder, centraal beheerd en overal dezelfde traceerbaarheid.

​Automatische registratie, geen batterijen

Onder­schei­dend aan de tech­no­logie is dat de cilinders geen batte­rijen nodig hebben: de benodigde energie wordt op het moment van gebruik over­ge­dragen via NFC, bij het aanraken met de smartphone of een digitale sleutel. Daardoor blijft het systeem ook func­ti­o­neren bij stroom­uitval en werkt de toegangs­con­trole volledig offline, zonder perma­nente netwerkverbinding.

“Voor beheer­ders van decen­trale infra­struc­tuur, kasten en racks die vaak moeilijk bereik­baar zijn en zelden stroom­voor­zie­ning in de buurt hebben, lost dat een concreet probleem op: hoe beveilig je duizenden verspreide objecten op een digitaal traceer­bare manier, zonder overal beka­be­ling of batte­rijen te moeten voorzien? Gebrui­kers krijgen toegang via een smartphone-app of een fysieke sleutel, terwijl beheer­ders centraal bepalen wie op welk moment toegang krijgt tot welke kast. Elke opening wordt auto­ma­tisch gere­gi­streerd in een audit-trail, wat orga­ni­sa­ties helpt om te voldoen aan de strengere rappor­te­rings- en compli­an­ce­ve­r­eisten onder NIS2. Rechten kunnen bovendien op afstand en in real time worden toegekend of inge­trokken, zonder dat er nog fysieke sleutels moeten worden uitge­wis­seld, geko­pi­eerd of terug­ge­vor­derd”, vertelt Koen Wolfcarius.

​ZeroKey versus CMC: twee niveaus van beveiliging

​Rittal posi­ti­o­neert ZeroKey nadruk­ke­lijk als aanvul­ling op, niet als vervan­ging van, de bestaande CMC-moni­to­ring­op­los­singen. ZeroKey Enclosure en ZeroKey Retrofit richten zich vooral op decen­trale omge­vingen zoals produc­tie­hallen, waar fysieke toegangs­con­trole vaak de enige bevei­li­gings­laag is, terwijl CMC eerder wordt ingezet in centraal beheerde omge­vingen zoals data­cen­ters en server­lo­kalen, met uitge­brei­dere rappor­te­ring bovenop toegangs­be­heer. Voor grotere of complexere instal­la­ties kunnen beide oplos­singen bovendien gecom­bi­neerd worden, of gekoppeld worden aan externe access-control­plat­forms, zodat toegangs­be­heer en moni­to­ring binnen dezelfde omgeving samenkomen.

​Van serverrack tot energie-infrastructuur

​De oplossing is inzetbaar in uiteen­lo­pende omge­vingen: server­racks en edge-computing, tele­com­kasten, indu­striële auto­ma­ti­se­ring, ener­gie­op­slag en laadin­fra­struc­tuur voor elek­tri­sche voer­tuigen. Orga­ni­sa­ties kunnen zo ​ hun volledige infra­struc­tuur, ongeacht plaats of toepas­sing, onder één toegangs­sys­teem samen­brengen. Klanten behouden daarbij steeds de controle over hun eigen data, tenzij ze via een SLA kiezen voor beheer van hun kasten door een externe serviceverlener.

“De keuze voor Rittal als partner is geen toeval. We bedienen beiden al jarenlang dezelfde markt­seg­menten, waaronder kritieke infra­struc­tuur, telecom, industrie en data­cen­ters. Door hun fysieke infra­struc­tuur te combi­neren met onze digitale toegangs­con­trole, ontstaat een geïn­te­greerd ecosys­teem dat orga­ni­sa­ties helpt om hun opera­ti­o­nele weer­baar­heid en compli­ance te versterken.. De expertise van Rittal in infra­struc­tuur­op­los­singen en hun markt­kennis vormen een perfecte aanvul­ling op de digitale toegangs­op­los­singen van iLOQ. Samen kunnen we klanten onder­steunen met een geïn­te­greerde aanpak van bevei­li­ging, wat vandaag essen­tieel is in sterk gere­gu­leerde omge­vingen. Met circa 1.500 essen­tiële en 2.500 belang­rijke enti­teiten die in België onder NIS2 vallen, samen zo’n 4.000 orga­ni­sa­ties, is het poten­tieel enorm”, besluit Wouter Thyse­baert, Country Manager Belgium & Luxemburg bij iLOQ.

Pin It on Pinterest

Share This