Frank Karlitschek over 10 jaar Nextcloud: van gewaagde afsplitsing tot Europees alternatief voor Big Tech

21 september 2026

Nextcloud bestaat tien jaar. Voor oprichter en CEO Frank Karlit­schek was dat tijdens de Nextcloud Community Confe­rence in Berlijn aanlei­ding om terug te kijken. Niet alleen op de groei van het bedrijf en de tech­no­logie, maar vooral op de uitgangs­punten waarmee Nextcloud in 2016 werd opgericht. Volgens Karlit­schek zijn die principes door de huidige geopo­li­tieke en tech­no­lo­gi­sche ontwik­ke­lingen alleen maar rele­vanter geworden.

Nextcloud begon in juni 2016 als een relatief klein open-sour­ce­pro­ject, met het idee dat gebrui­kers en orga­ni­sa­ties zelf controle moeten kunnen houden over hun gegevens. Inmiddels is het uitge­groeid tot een compleet samen­wer­kings­plat­form voor onder meer bestanden, docu­menten, agenda’s, e‑mail, chat en video­bellen. De software wordt gebruikt door bedrijven, overheden, onder­wijs­in­stel­lingen en indi­vi­duele gebruikers.

Tijdens zijn presen­tatie in Berlijn bena­drukte Karlit­schek dat de ontwik­ke­ling van Nextcloud nooit alleen om software heeft gedraaid. De achter­lig­gende vraag was steeds wie de controle heeft over digitale commu­ni­catie, docu­menten en bedrijfsgegevens.

“Toen we tien jaar geleden begonnen, ging het vooral over privacy”, stelde Karlit­schek. Inmiddels is het gesprek volgens hem veel breder geworden. Orga­ni­sa­ties kijken niet alleen naar gege­vens­be­scher­ming, maar ook naar digitale autonomie, conti­nu­ï­teit, veilig­heid en afhan­ke­lijk­heid van buiten­landse technologiebedrijven.

Een missie die steeds actueler wordt

Toen Nextcloud in 2016 werd opgericht, werd de markt voor online samen­wer­king al groten­deels beheerst door grote Ameri­kaanse tech­no­lo­gie­be­drijven. Privacy was bij veel cloud­dien­sten volgens Karlit­schek eerder een aanvul­lende functie dan een centraal ontwerpprincipe.

Nextcloud wilde daar een alter­na­tief tegenover zetten: open-sour­ce­soft­ware die een orga­ni­satie op de eigen infra­struc­tuur, bij een zelf­ge­kozen hosting­pro­vider of binnen een private cloud kan gebruiken. De gebruiker bepaalt daarbij waar de data staan en wie toegang heeft.

Volgens Karlit­schek is die oorspron­ke­lijke missie in tien jaar niet funda­men­teel veranderd. De omgeving waarin Nextcloud opereert, is dat wel. Cloud­soft­ware is inmiddels cruciale infra­struc­tuur geworden. Overheden, bedrijven en publieke orga­ni­sa­ties gebruiken digitale samen­wer­kings­plat­forms voor vrijwel al hun dage­lijkse processen.

Daarmee is de keuze voor een platform volgens hem niet alleen een tech­ni­sche of finan­ciële beslis­sing. Het is ook een stra­te­gi­sche keuze over eige­naar­schap, afhan­ke­lijk­heid en zeggenschap.

De belangrijkste lessen uit tien jaar Nextcloud

Karlit­schek noemde tijdens zijn terugblik verschil­lende elementen die bepalend zijn geweest voor de ontwik­ke­ling van Nextcloud:

  • Controle over data blijft het uitgangs­punt. Gebrui­kers en orga­ni­sa­ties moeten zelf kunnen bepalen waar hun gegevens worden opge­slagen, wie ze verwerkt en onder welke juri­di­sche voor­waarden dat gebeurt.
  • Open source is meer dan toegang tot broncode. Het open ontwik­kel­model maakt controle, aanpas­singen en onaf­han­ke­lijke bevei­li­gings­on­der­zoeken mogelijk. Tege­lij­ker­tijd bena­drukte Karlit­schek dat open source alleen werkt wanneer er een actieve gemeen­schap en een duurzaam ecosys­teem rond de software bestaan.
  • De community vormt de basis. Nextcloud wordt niet uitslui­tend door het bedrijf ontwik­keld. Onaf­han­ke­lijke program­meurs, vertalers, beheer­ders, appont­wik­ke­laars, klanten en tech­no­lo­gie­part­ners leveren bijdragen. Volgens Karlit­schek maakt juist deze samen­wer­king Nextcloud anders dan gesloten platforms.
  • Een open-sour­ce­be­drijf moet finan­cieel duurzaam zijn. Goede bedoe­lingen en vrij­wil­lige bijdragen zijn volgens hem niet voldoende om software langdurig te onder­houden. Er zijn profes­si­o­nele ontwik­ke­laars, bevei­li­gings­teams, onder­steu­ning en inves­te­ringen in de archi­tec­tuur nodig.
  • Digitale soeve­rei­ni­teit vraagt om prak­ti­sche alter­na­tieven. Alleen spreken over onaf­han­ke­lijk­heid van Big Tech heeft weinig effect wanneer orga­ni­sa­ties geen bruikbare migra­tie­paden, onder­steu­ning en compa­ti­bele toepas­singen hebben.
  • Gebruiks­gemak is net zo belang­rijk als onaf­han­ke­lijk­heid. Gebrui­kers stappen niet auto­ma­tisch over omdat een product open source of Europees is. De software moet in het dage­lijkse werk minstens zo prettig en betrouw­baar func­ti­o­neren als de bekende commer­ciële alternatieven.
  • Samen­wer­king is nood­za­ke­lijk. Geen enkel Europees tech­no­lo­gie­be­drijf kan zelf­standig alle onder­delen van een digitale werkplek leveren. Nextcloud werkt daarom samen met hosting­be­drijven, infra­struc­tuur­le­ve­ran­ciers, kantoor­soft­wa­re­ont­wik­ke­laars en integratiepartners.
  • Onderhoud krijgt vaak te weinig aandacht. Nieuwe functies zijn zichtbaar, maar een groot deel van het ontwik­kel­werk bestaat uit het verbe­teren van pres­ta­ties, betrouw­baar­heid, bevei­li­ging en schaal­baar­heid. Bij Nextcloud Hub 26 Spring had slechts 4 procent van de code­wij­zi­gingen betrek­king op nieuwe functies; het overgrote deel ging naar onderhoud en tech­ni­sche verbeteringen.

Van bestanden delen naar complete werkplek

De ontwik­ke­ling van Nextcloud laat ook zien hoe sterk de markt in tien jaar is veranderd. Het platform begon vooral als een manier om bestanden op een eigen server te bewaren en tussen apparaten te synchroniseren.

Daar zijn in de loop der jaren steeds meer functies bij gekomen. Gebrui­kers kunnen inmiddels geza­men­lijk docu­menten bewerken, video­ge­sprekken voeren, chatten, projecten beheren en agenda’s, contacten en e‑mail gebruiken. Via een modulair appsys­teem kunnen orga­ni­sa­ties de omgeving verder uitbreiden.

Ook kunst­ma­tige intel­li­gentie is onderdeel van het platform geworden. Daarbij probeert Nextcloud vast te houden aan het uitgangs­punt dat orga­ni­sa­ties zelf moeten kunnen kiezen waar modellen draaien en hoe gegevens worden verwerkt. AI mag volgens die bena­de­ring niet auto­ma­tisch betekenen dat vertrou­we­lijke infor­matie naar een externe cloud­dienst wordt gestuurd.

Daarnaast richt Nextcloud zich steeds nadruk­ke­lijker op grote orga­ni­sa­ties. Functies voor compli­ance, gege­vens­clas­si­fi­catie, archi­ve­ring en juridisch beheer moeten het platform geschikt maken voor overheden en bedrijven die met strenge regel­ge­ving te maken hebben.

Nextcloud zegt inmiddels door tien­dui­zenden private en publieke orga­ni­sa­ties en door tien­tallen miljoenen indi­vi­duele gebrui­kers te worden gebruikt. Het bedrijf is sinds de oprich­ting organisch gegroeid en is volledig in handen van zijn medewerkers.

Europese digitale autonomie

In de terugblik van Karlit­schek speelde Europa een belang­rijke rol. De discussie over digitale soeve­rei­ni­teit is de afgelopen jaren steeds concreter geworden. Overheden en bedrijven onder­zoeken hoe zij minder afhan­ke­lijk kunnen worden van Ameri­kaanse hypers­ca­lers en softwareleveranciers.

Volgens Karlit­schek beschikt Europa over veel van de benodigde tech­no­logie, kennis en bedrijven. Het probleem zit eerder in de toepas­sing ervan. Europese orga­ni­sa­ties geven nog altijd grote bedragen uit aan platforms waarover zij zelf weinig zeggen­schap hebben.

Open-sour­ce­al­ter­na­tieven moeten daarom niet alleen worden ontwik­keld, maar ook daad­wer­ke­lijk worden aange­schaft en ingezet. Dat vraagt om politieke keuzes, aange­paste aanbe­ste­dingen en de bereid­heid om migra­tie­pro­jecten uit te voeren.

De groeiende belang­stel­ling is zichtbaar bij grote imple­men­ta­ties. Zo gebruikt het Franse minis­terie van Onderwijs een Nextcloud-omgeving die is opge­schaald naar 1,2 miljoen gebrui­kers. Ook minis­te­ries, univer­si­teiten, tele­com­be­drijven en maat­schap­pe­lijke orga­ni­sa­ties zetten het platform in.

Toch waar­schuwt Karlit­schek ervoor digitale soeve­rei­ni­teit niet te reduceren tot de vesti­gings­plaats van een leve­ran­cier. Een Europees hoofd­kan­toor betekent niet auto­ma­tisch dat gebrui­kers volledige controle over hun software en gegevens hebben. Van belang zijn ook de beschik­baar­heid van broncode, de infra­struc­tuur, de juri­di­sche zeggen­schap, open stan­daarden en de moge­lijk­heid om van leve­ran­cier te wisselen.

Geen afgerond project

Het tienjarig bestaan betekent dan ook niet dat Nextcloud zichzelf als voltooid beschouwt. De eisen aan digitale werk­plekken blijven veran­deren. Gebrui­kers verwachten betere pres­ta­ties, eenvou­diger beheer, mobiele toegang, kunst­ma­tige intel­li­gentie en compa­ti­bi­li­teit met bestaande documentformaten.

Tege­lij­ker­tijd worden bevei­li­ging, regel­ge­ving en geopo­li­tieke afhan­ke­lijk­heden belang­rijker. Nextcloud moet daardoor twee ontwik­ke­lingen combi­neren: het platform moet technisch aantrek­ke­lijk blijven voor eind­ge­brui­kers, terwijl orga­ni­sa­ties tege­lij­ker­tijd meer controle en bestuur­lijke zekerheid krijgen.

Karlit­schek ziet het jubileum daarom vooral als een tussen­sta­tion. De oorspron­ke­lijke ambitie – mensen en orga­ni­sa­ties controle geven over hun digitale gegevens – staat nog steeds centraal. Alleen is de schaal waarop die vraag speelt aanzien­lijk groter geworden.

Wat tien jaar geleden voor veel orga­ni­sa­ties nog een prin­ci­piële discussie over privacy was, is inmiddels een stra­te­gisch vraagstuk geworden. De vraag is niet langer uitslui­tend waar bestanden worden opge­slagen. Het gaat erom wie uitein­de­lijk de digitale infra­struc­tuur contro­leert waarop bedrijven, overheden en samen­le­vingen steeds sterker vertrouwen.

Pin It on Pinterest

Share This