Onderzoek Cloudera: ‘Bedrijven adopteren AI massaal, maar verouderde data-infrastructuren remmen de echte vooruitgang’

9 oktober 2025

Uit het rapport ‘The State of Enter­prise AI and Modern Data Archi­tec­ture’ van Cloudera blijkt dat bedrijven wereld­wijd in hoog tempo kunst­ma­tige intel­li­gentie inzetten, maar dat de werke­lijke waarde van die toepas­singen nog vaak onbenut blijft. De studie, uitge­voerd door onder­zoeks­bu­reau Researchs­cape in opdracht van Cloudera, geeft een genu­an­ceerd beeld van de stand van zaken: AI wordt breed toegepast, maar oude of gefrag­men­teerde data-infra­struc­turen vormen een belang­rijk obstakel voor verdere groei.

Volgens de onder­zoe­kers van Cloudera maakt inmiddels 88 procent van de onder­ne­mingen gebruik van AI-toepas­singen. Vooral afde­lingen als IT, klan­ten­ser­vice en marketing profi­teren van de tech­no­logie, bijvoor­beeld via chatbots, voor­spel­lende analyses en geau­to­ma­ti­seerde processen. Bedrijven noemen verbe­terde klan­t­er­va­ringen, een hogere opera­ti­o­nele effi­ci­ëntie en snellere besluit­vor­ming als belang­rijkste voordelen. Toch blijkt dat de schaal waarop AI daad­wer­ke­lijk in de orga­ni­satie door­dringt nog beperkt is. Meer dan een derde van de onder­vraagde IT-leiders geeft aan dat slechts een klein deel van hun mede­wer­kers met AI werkt.

De rol van kosten

Kosten spelen daarbij een grote rol. Inte­gra­tie­kosten, data­op­slag en de risico’s van data­lekken worden genoemd als de grootste finan­ciële drempels. Daarnaast zegt 38 procent van de respon­denten dat het ontbreekt aan voldoende kennis en training om AI effectief te beheren. Om dat te verhelpen inves­teren bedrijven in opleidingsprogramma’s, samen­wer­king met univer­si­teiten en deelname aan open-sour­ce­ge­meen­schappen. Toch blijft de funda­men­tele uitdaging volgens de onder­zoe­kers van Cloudera liggen bij de data zelf.

De kwaliteit, beschik­baar­heid en betrouw­baar­heid van data zijn bepalend voor het succes van AI. Het rapport laat zien dat de meeste orga­ni­sa­ties data opslaan in private clouds (81 procent), gevolgd door public clouds en on-premises omge­vingen. Deze hybride realiteit zorgt voor complexi­teit: bedrijven worstelen met bevei­li­ging, gover­nance, en de beheer­sing van data­kosten. Zo noemt 66 procent dat bevei­li­ging en betrouw­baar­heid de grootste zorg vormen, terwijl 48 procent groeiende beheer­kosten ervaart. Nieuwe wetgeving, zoals de Europese Digital Opera­ti­onal Resi­lience Act (DORA), vergroot de druk om data­stromen trans­pa­ranter en veiliger te maken.

Slecht 17% werkt volledig datagedreven

Hoewel 94 procent van de respon­denten zegt hun data te vertrouwen, blijkt uit dezelfde enquête dat slechts 17 procent van de orga­ni­sa­ties volledig data­ge­dreven werkt. Veel bedrijven beschikken over data die verspreid is over afde­lingen en silo’s, waardoor cruciale infor­matie moeilijk toegan­ke­lijk blijft. Maar liefst 73 procent geeft aan dat hun data niet goed verbonden is, en 40 procent zegt als enige te weten waar bepaalde datasets zich bevinden. “Hoe kan een orga­ni­satie echt data­ge­dreven zijn als de data gefrag­men­teerd en lastig te bereiken is?”, vragen de onder­zoe­kers van Cloudera zich retorisch af.

Een mogelijke oplossing ligt in de moder­ni­se­ring van data-archi­tec­turen. Moderne data-omge­vingen combi­neren de kracht van data­wa­re­houses en datalakes tot zoge­noemde ‘lake­houses’, waarin data – gestruc­tu­reerd of onge­struc­tu­reerd – beter te inte­greren en te beheren is. Deze archi­tec­turen bieden niet alleen schaal­baar­heid en flexi­bi­li­teit, maar versterken ook de bevei­li­ging en compli­ance. Volgens de studie ziet 71 procent van de bedrijven data­be­vei­li­ging als de belang­rijkste meer­waarde van een hybride data-archi­tec­tuur, gevolgd door betere data-analyse en effi­ci­ënter data­be­heer. Bedrijven die al een lakehouse inzetten rappor­teren bovendien een hogere opera­ti­o­nele effi­ci­ëntie en lagere beheerkosten.

Interessante geografische verschillen

Het rapport schetst ook inte­res­sante geogra­fi­sche verschillen. In landen als Italië, Spanje en Brazilië ligt het AI-gebruik bijzonder hoog, met percen­tages boven de 90 procent. Toch is er ook hier een duide­lijke kloof tussen optimisme en realiteit. Zo beschouwen Brazi­li­aanse respon­denten hun orga­ni­satie vaker als “zeer data­ge­dreven” dan bijvoor­beeld Franse of Duitse bedrijven. Overal ter wereld geldt echter dat gene­ra­tieve AI – denk aan grote taal­mo­dellen en beeld­ge­ne­ra­toren – de popu­lairste vorm van kunst­ma­tige intel­li­gentie is. Ongeveer tweederde van de onder­vraagde orga­ni­sa­ties gebruikt gene­ra­tieve toepas­singen, vaak in combi­natie met voor­spel­lende modellen.

Volgens de onder­zoe­kers van Cloudera blijft vertrouwen in data de sleutel tot succes­volle AI-imple­men­tatie. AI is immers slechts zo goed als de kwaliteit van de data waarop het is getraind. Bedrijven die hun data-infra­struc­tuur moder­ni­seren, creëren niet alleen meer inzicht, maar ook veer­kracht voor de toekomst. Moderne data-archi­tec­turen maken het mogelijk om snel in te spelen op veran­de­ringen, risico’s te beperken en beter onder­bouwde beslis­singen te nemen.

De studie besluit met een duide­lijke boodschap: het poten­tieel van enter­prise-AI is groot, maar alleen orga­ni­sa­ties die inves­teren in moderne, veilige en goed beheerde data­fun­da­menten zullen dat poten­tieel volledig benutten. Daarmee vormt data niet alleen de brandstof voor kunst­ma­tige intel­li­gentie, maar ook de sleutel tot duurzame innovatie. Zoals de onder­zoe­kers van Cloudera samen­vatten: bedrijven die hun data­land­schap toekomst­be­stendig maken, hebben de beste papieren om zich te onder­scheiden in een steeds compe­ti­tie­vere wereld.

Pin It on Pinterest

Share This