Internet zoekt Extreme Digital Skills

26 oktober 2017

Op zondag 29 oktober 1969 ging het internet ‘aan’. Charley Kline, die werkte aan het ARPANET (Advanced Research Projects Agency Network) probeerde login infor­matie te verzenden vanuit UCLA naar Bill Duvall op Stanford. Dat lukte bijna. Na het typen van de letters ‘L’ en ‘O’ crashte de verbin­ding. Nadat er opnieuw verbin­ding gelegd werd, lukte het gelukkig wel.

Enter oktober 2017. Het internet is een eerste levens­be­hoefte. Het heeft een nieuwe wereld gecreëerd, met alle gevolgen van dien. De mate van infor­matie-uitwis­se­ling die het internet mogelijk maakt, stelt ons voor nieuwe en grote uitda­gingen. Waarbij te denken valt aan geopo­li­tiek en de beïn­vloe­ding daarvan, privacy en de afhan­ke­lijk­heid van het internet in ons dagelijks leven. Om hier grip op te houden, moeten we mensen opleiden met wat ik noem ‘extreme digital skills’.

Wat ik waarneem, is dat de focus in ICT-onderwijs op de voorkant ligt; appli­ca­ties en de gebruiks­as­pecten. Kids snappen de toepas­baar­heid van hun mobiel en hun tablet, en we hameren erop dat iedereen digiwijs moet zijn. Het is goed dat er lessen program­meren gegeven worden op de basis­school, zodat kinderen zich deze denk­tech­niek eigen maken. Ook onder­steun ik van harte dat we programma’s hebben op scholen om cyber­pesten tegen te gaan.

Bij al deze initi­a­tieven wordt vooral gefocust op de – sexy – buiten­kant. Vanuit het doel het vakgebied inte­res­sant te maken voor meer mensen dan nu het geval is, snap ik dat ook wel. De door­ver­ta­ling die ik mis, is dat we mensen nodig hebben die een cloud kunnen bouwen en dan beter. Mensen die een firewall van binnen en van buiten kennen. Deze vaar­dig­heden worden niet breed onder­wezen en zelfs binnen infor­ma­tica-oplei­dingen is hiervoor in mijn ogen onvol­doende aandacht. Wat daarnaast meespeelt, is het tekort aan infor­ma­ti­ca­do­centen op middel­bare scholen. In 2018 wordt er een tekort verwacht van twintig procent (!). Dat helpt niet om de tien­dui­zenden open­staande ICT-vacatures in te vullen.

Het gevolg is, dat men erg veel moeite doen om de écht tech­ni­sche speci­a­listen te vinden die ons helpen om de inter­net­dienst­ver­le­ning verder te brengen. Dit is overigens een markt­breed fenomeen, dat wordt geadres­seerd door vrijwel alle grote belan­gen­ga­ni­sa­ties. En waarvan de ernst door de politiek lang niet altijd op waarde wordt geschat. Goede ICT-speci­a­listen zijn in Nederland nagenoeg onbe­taal­baar en dus halen wij ze vaak in het buiten­land. Dat sluit wel leuk aan bij het global village-idee, mede mogelijk gemaakt door het internet. De keerzijde is dat het smeden van goede teams meer tijd kost en dat de ‘war on talent’ op een grotere schaal gaat spelen.

Natuur­lijk wil ik de ontwik­ke­ling van Machine Learning en Arti­fi­cial Intel­li­gence niet negeren, waarbij veel taken over­ge­nomen kunnen worden door zelfle­rende core routers en switches. Dat kan de tekorten deels oplossen. Het punt is, die slimme infra­struc­turen moeten én zullen gebouwd worden door mensen. Net als het huidige internet, waar iconen zoals Robert E. Kahn en Vint Cerf aan de basis stonden. Daarvoor zijn nieuwe skillsets nodig, die naast tech­no­lo­gisch vernuft, bijvoor­beeld ook de ethische aspecten van het internet invullen een duw in de goede richting geven. Want waar zakelijke discus­sies de afgelopen jaren vooral gingen om business-ICT alignment, zal het de komende jaren gaan over human-computer alignment. Wat zou het toch mooi zijn als Nederland daar een funda­men­tele bijdrage aan levert. Ik stel voor dat we de uitdaging aangaan om na Jaap Akkerhuis de komende jaren nog meer Neder­lan­ders in de Internet Hall of Fame te krijgen.

Pin It on Pinterest

Share This