SAP: autonome supplychain staat of valt met veilige samenwerking tussen AI-agents

31 augustus 2026

AI verandert niet alleen wat bedrijfs­soft­ware kan, maar ook hoe mede­wer­kers ermee werken. Waar systemen tradi­ti­o­neel infor­matie vast­leggen, analy­seren en mede­wer­kers onder­steunen, kunnen AI-agents steeds vaker zelf situaties beoor­delen, acties voor­be­reiden en binnen vast­ge­stelde kaders taken uitvoeren. Zodra AI-agents niet alleen adviseren maar ook gaan handelen, ontstaat de volgende uitdaging: hoe laat je ze over planning, inkoop, productie en logistiek heen samen­werken zonder dat hun beslis­singen onge­wenste gevolgen hebben?

“Een agent bouwen is niet meer zo moeilijk”, stelt Bart Van der Biest, managing director van SAP Benelux. “De complexi­teit zit vooral in alles wat er omheen nodig is. Denk aan security, auto­ri­sa­ties en gover­nance, maar ook aan een platform waarmee verschil­lende agents gecon­tro­leerd kunnen samenwerken.”

Van signaleren naar handelen

Bart Van der Biest

Wat dat in de praktijk betekent, wordt duidelijk zodra ergens in de supply­chain een versto­ring optreedt. Valt een leve­ran­cier uit, dan kan een AI-agent niet alleen het probleem signa­leren, maar ook nagaan welke orders worden geraakt, de impact op productie en logistiek berekenen en alter­na­tieven voorstellen.

Volgens Marcel Bron, head of supply chain mana­ge­ment bij SAP Benelux, verschuift AI daarbij van adviseren naar handelen. Naarmate agents meer taken zelf­standig uitvoeren, kunnen ze binnen vooraf bepaalde grenzen ook vervolg­ac­ties in gang zetten. Zo ontstaat stap voor stap een auto­no­mere supply­chain. De rol van mede­wer­kers verschuift mee: zij sturen niet langer iedere afzon­der­lijke actie aan, maar bepalen de doelen en kaders waar­binnen agents kunnen handelen en grijpen in waar dat nodig is.

Eén beslissing raakt meer dan één proces

Meer autonomie maakt het tege­lij­ker­tijd belang­rijk om de impact van beslis­singen over de hele keten te bekijken. Een beslis­sing die binnen één proces logisch lijkt, kan elders in de supply­chain onge­wenste gevolgen hebben.

“Een agent kan bij een leve­rings­pro­bleem bijvoor­beeld een leve­ran­cier voor­stellen die goedkoper of sneller is, maar niet over de vereiste certi­fi­ce­ring beschikt”, zegt Bron.

Hij verge­lijkt dat met het bekende bullwhip-effect: een relatief kleine afwijking aan het begin van de supply­chain kan verderop steeds grotere gevolgen krijgen. Als verschil­lende AI-agents zelf­standig handelen en op elkaars beslis­singen voort­bouwen, kan zo’n effect zich bovendien sneller door de keten bewegen. Dat maakt het volgens SAP belang­rijk dat agents niet alleen hun eigen taak opti­ma­li­seren, maar ook begrijpen wat hun beslis­singen betekenen voor andere processen.

Van losse agents naar orkestratie

Dat vraagt om meer dan losse agents. De volgende stap is niet ieder onderdeel van de supply­chain voorzien van een eigen AI-agent, maar agents over processen heen laten samen­werken en aansturen.

“Als je alleen een stuk planning doet, hoe ga je dan je productie orke­streren? Of als je alleen een stukje transport doet, hoe ga je dan je magazijn orke­streren?”, stelt Bron.

Dat vraagt om een end-to-endbe­na­de­ring waarin orga­ni­sa­ties planning, inkoop, productie en logistiek niet los van elkaar aansturen. Een veran­de­ring in de planning moet bijvoor­beeld direct in samenhang kunnen worden bekeken met de gevolgen voor voorraad, produc­tie­ca­pa­ci­teit en transport. En omdat supply­chains niet stoppen bij de bedrijfs­muren, kan die samen­wer­king zich ook uitstrekken tot leve­ran­ciers en andere partners.

Hoeveel vrijheid geef je een agent?

Orkestratie alleen is niet voldoende. Hoe zelf­stan­diger agents worden, hoe belang­rijker de vraag wordt welke beslis­singen ze daad­wer­ke­lijk zelf mogen nemen. Mag een agent alleen een alter­na­tief voor­stellen of ook een vervolg­actie uitvoeren? Wanneer is mense­lijke goed­keu­ring nodig? Tot welke gegevens en systemen krijgt een agent toegang? En wat gebeurt er wanneer agents tot conflic­te­rende conclu­sies komen? Duide­lijke guard­rails, auto­ri­sa­ties en traceer­baar­heid worden daarmee voor­waarden voor meer autonomie. “We moeten alles kunnen terug­tra­ceren van wat er gedaan wordt”, benadrukt Bron.

Ook bedrijfs­con­text speelt daarin een belang­rijke rol. Een agent moet niet alleen over data beschikken, maar bijvoor­beeld ook weten welke contrac­tuele afspraken gelden, welke voorraad beschik­baar is, welke certi­fi­ce­ringen vereist zijn en wie bevoegd is om een bepaalde beslis­sing te nemen.

Volgens SAP ligt daar een belang­rijk verschil tussen algemene AI en enter­prise AI. Enter­prise AI is ingebed in de data, processen en bedrijfs­re­gels van een orga­ni­satie. SAP gebruikt daarvoor onder meer zijn Knowledge Graph, waarmee agents toegang krijgen tot de context binnen bedrijfsapplicaties.

Autonoom betekent niet ongecontroleerd

Voor SAP betekent de autonome supply­chain dan ook niet dat bedrijven zoveel mogelijk beslis­singen aan AI moeten overlaten. De ontwik­ke­ling gaat juist richting een model waarin agents meer opera­ti­o­nele taken kunnen uitvoeren, terwijl bedrijven bepalen binnen welke grenzen dat gebeurt. De mens verdwijnt daarbij niet uit beeld. Die bepaalt de doel­stel­lingen, stelt de grenzen waar­binnen agents mogen handelen, beoor­deelt uitzon­de­ringen en blijft uitein­de­lijk verant­woor­de­lijk voor de bedrijfsvoering.

De volgende stap richting een autonome supply­chain draait daarmee niet om zoveel mogelijk AI-agents. De doorslag geeft hoe goed bedrijven die agents over processen heen kunnen laten samen­werken, zonder daarbij de grip op hun supply­chain te verliezen.

Pin It on Pinterest

Share This