Europese Commissie gunt voor €180 miljoen contracten voor soevereine cloud aan vier Europese aanbieders

17 april 2026

De Europese Commissie zet een nieuwe stap in haar streven naar digitale soeve­rei­ni­teit met de toeken­ning van een omvang­rijke cloud­tender ter waarde van maximaal 180 miljoen euro. Vier Europese aanbie­ders mogen de komende zes jaar cloud­ser­vices leveren aan EU-instel­lingen, agent­schappen en andere onder­delen van de Unie. Daarmee wil Brussel niet alleen de eigen afhan­ke­lijk­heid van niet-Europese tech­no­logie verkleinen, maar ook een bredere standaard neer­zetten voor wat ‘soeve­reine cloud’ in de praktijk betekent.

De gese­lec­teerde partijen zijn Post Telecom (in samen­wer­king met Clever­Cloud en OVHcloud), StackIT, Scaleway en Proximus. Die laatste partij werkt samen met S3NS — een joint venture van Thales en Google Cloud — en daarnaast met Clarence en Mistral.

Spreiding als strategisch uitgangspunt

Opvallend is dat de Commissie niet kiest voor één hoofd­aan­bieder, maar bewust vier contracten parallel heeft toegekend. Daarmee wil zij het risico op afhan­ke­lijk­heid van één leve­ran­cier vermijden en tege­lij­ker­tijd de veer­kracht van de Europese cloud­in­fra­struc­tuur vergroten. Deze aanpak past binnen een bredere strategie waarin spreiding, inter­o­pe­ra­bi­li­teit en controle centraal staan.

De aanbe­ste­ding maakt het mogelijk voor zoge­noemde ‘Union entities’ om recht­streeks diensten af te nemen binnen dit raamwerk. Dat moet niet alleen schaal­voor­delen opleveren, maar ook zorgen voor consis­tentie in de manier waarop cloud­op­los­singen binnen de EU worden ingericht en beheerd.

Strenge eisen rond soevereiniteit

De selectie van de aanbie­ders is gebaseerd op het zogeheten Cloud Sove­reignty Framework van de Commissie. Dit raamwerk beoor­deelt aanbie­ders op acht verschil­lende dimensies van soeve­rei­ni­teit, waaronder juri­di­sche controle, opera­ti­o­nele onaf­han­ke­lijk­heid, stra­te­gi­sche autonomie en naleving van Europese wet- en regelgeving.

Daarnaast spelen ook aspecten als supply chain-trans­pa­rantie, tech­no­lo­gi­sche openheid, bevei­li­ging en duur­zaam­heid een rol. Een belang­rijk criterium is dat niet-Europese partijen slechts beperkte controle mogen hebben over de tech­no­lo­gieën en diensten die worden geleverd. Dat betekent dat aanbie­ders moeten aantonen dat zij hun infra­struc­tuur en processen zodanig hebben ingericht dat externe invloed gemi­ni­ma­li­seerd is.

Tege­lij­ker­tijd laat de uitkomst van de tender zien dat een volledig ‘EU-only’ model niet per se een harde eis is. In sommige gevallen worden ook niet-Europese tech­no­lo­gieën gebruikt, mits deze binnen een strikt Europees kader opereren en voldoen aan de gestelde eisen rond controle en governance.

Commissie wil zelf het goede voorbeeld geven

Met deze aanbe­ste­ding posi­ti­o­neert de Europese Commissie zichzelf nadruk­ke­lijk als launching customer voor soeve­reine cloud­op­los­singen. Door op grote schaal gebruik te maken van Europese cloud­pro­vi­ders wil zij de markt stimu­leren en tege­lij­ker­tijd laten zien dat derge­lijke oplos­singen ook in complexe, groot­scha­lige omge­vingen toepas­baar zijn.

De tender moet daarmee fungeren als refe­ren­tie­punt voor andere overheden en orga­ni­sa­ties binnen de EU. Door duide­lijke eisen te formu­leren en deze ook daad­wer­ke­lijk in te kopen, probeert de Commissie de lat voor de hele sector hoger te leggen.

Volgens de Commissie onder­streept de uitkomst bovendien dat Europese aanbie­ders in staat zijn om te voldoen aan strenge eisen op het gebied van security, compli­ance en opera­ti­o­nele controle. Dat is relevant in een markt die nog altijd sterk wordt gedo­mi­neerd door Ameri­kaanse hyperscalers.

Nieuwe fase: verdere uitwerking van het raamwerk

De komende periode werkt de Commissie aan een geac­tu­a­li­seerde versie van het Cloud Sove­reignty Framework. Deze update moet concre­tere criteria bevatten om de mate van soeve­rei­ni­teit van cloud­op­los­singen beter te kunnen meten en verge­lijken. Het doel is dat ook andere publieke en private orga­ni­sa­ties deze methodiek kunnen hergebruiken.

Intern kijkt de Commissie daarnaast naar manieren om de ontwik­kelde criteria breder toe te passen binnen haar eigen digitale diensten. Daarmee wordt soeve­rei­ni­teit niet alleen een inkoop­cri­te­rium, maar ook een leidend principe in het ontwerp en beheer van IT-omgevingen.

Opmaat naar bredere wetgeving

De cloud­tender maakt deel uit van een bredere beleids­agenda rond tech­no­lo­gi­sche soeve­rei­ni­teit. In dat kader werkt de Commissie aan een zogenoemd Tech Sove­reignty Package. Dit pakket omvat onder meer een open source-strategie, een vervolg op de Chips Act en een roadmap voor digi­ta­li­se­ring en AI in de energiesector.

Een belang­rijk onderdeel wordt de Cloud and AI Devel­op­ment Act (CADA). Deze wet moet binnen de interne markt harmo­ni­seren wat onder ‘soeve­rei­ni­teit’ wordt verstaan bij cloud- en AI-diensten. Daarnaast moet de wet de markt­toe­gang voor nieuwe aanbie­ders verbe­teren en publieke aanbe­ste­dingen beter laten aansluiten op Europese prioriteiten.

Tender als signaal naar de markt

De aanbe­ste­ding, die in oktober 2025 werd gelan­ceerd binnen het Cloud III Dynamic Purcha­sing System, markeert daarmee meer dan alleen een inkoop­tra­ject. Het is ook een duidelijk signaal richting de markt: Europese overheden verwachten dat leve­ran­ciers aantoon­baar grip hebben op data, infra­struc­tuur en governance.

Voor IT-managers en cloud­ar­chi­tecten betekent dit dat soeve­rei­ni­teit steeds vaker een expliciet selec­tie­cri­te­rium wordt, naast tradi­ti­o­nele factoren als prijs en perfor­mance. De komende jaren zal moeten blijken in hoeverre deze Europese aanpak ook buiten de publieke sector navolging krijgt.

Pin It on Pinterest

Share This