Geen digitale toekomst zonder goed geconnecteerde regionale datacenters

13 juni 2022

De toekomst is digitaal maar wat heb je daar allemaal voor nodig? Onder andere een digitale infra­struc­tuur en dus ook data­cen­ters. Die zijn er in alle soorten en kleuren en ze zijn allemaal nodig. Toch zijn ze voor velen onbekend terrein. Onbekend en dus onbemind.

Data­center United orga­ni­seerde op 31 mei een inter­ac­tief debat over de rol van data­cen­ters in onze digitale toekomst. Plaats van gebeuren was de Antwerpse locatie waar vanaf volgend jaar een gloed­nieuw data­center zal verrijzen, pal naast haar recent Tier IV-gecer­ti­fi­ceerde data­center. De ideale locatie om de spreek­woor­de­lijke black box die het data­center voor velen is, te openen.

Die ambi­ti­euze groei­plannen van Data­center United komen niet uit de lucht vallen. Ze spelen in op een niet te stoppen trend. Friso Haringsma, Managing Director van Data­center United: “Het data­center speelt een cruciale rol in de uitbouw van onze huidige en toekom­stige digitale samen­le­ving. We hebben er dus alle belang bij om te inves­teren in regionale en lokale data­cen­ters voorzien van perfor­mante connec­ti­vi­teit. Zonder die infra­struc­tuur lopen we achter de feiten aan. Het zou uitermate jammer zijn om de digi­ta­li­se­rings­boot aan ons voorbij te zien gaan.”

Heel wat profes­si­o­nele orga­ni­sa­ties maakten al de overstap van hun eigen data­center naar een extern exemplaar, of combi­natie van een hypers­caler met een regionaal data­center, maar zo’n overgang loopt niet altijd vlot.

Hans Witdouck, CEO Eurofiber: “Dat heeft dikwijls te maken met de user expe­rience, die voor een groot stuk afhangt van de snelheid waarmee je appli­ca­ties en data kan consul­teren en gebruiken. In heel wat digitale trans­for­ma­tie­pro­jecten in bedrijven, verhuist men de appli­ca­ties naar het data­center. Maar als dat data­center niet gecon­nec­teerd is via glasvezel, dan zal die overstap dik tegen­vallen voor de gebrui­kers omwille van de latency (vertra­ging). Zo merken mede­wer­kers dan bijvoor­beeld dat hun Teams-connectie van thuis uit sneller werkt dan wanneer ze op kantoor zijn. Zo’n negatieve erva­ringen bij de start, zijn nefast voor de adoptie van de nieuwe appli­ca­ties. Het is moeilijk om gebrui­kers daarna nog aan boord te krijgen.”

Verborgen kosten

Soms zijn het niet de gebrui­kers, maar gaat het finan­cieel depar­te­ment van een orga­ni­satie op de rem staan, omdat zij inschatten dat de overstap naar een extern data­center en de cloud, duurder uitkomt dan een eigen data­center on premise. Friso Haringsma heeft daar een andere mening over: “Wanneer men in een bedrijf finan­cieel de afweging maakt tussen een eigen data­center en een extern data­center, dan heeft men dikwijls geen goede verge­lij­kings­punten. De kost van een extern data­center is heel duidelijk. Maar op de kost van een intern data­center heeft men een veel minder goed zicht. Zo vergeet men de kost van de ruimte in rekening te brengen want dit is deel van een gebouw, de ener­gie­fac­tuur (want het data­center zit vaak vervat in de totale ener­gie­fac­tuur), de mede­wer­kers die je ervoor nodig hebt (want zij voeren ook nog andere taken uit), de vele certi­fi­ca­ties, compli­ancy etc. In een eigen data­center is de ruimte niet optimaal: ofwel is deze te groot ofwel te klein. Schalen is moeilijk. Het aantal netwerk­aan­bie­ders is schaars en de band­breedtes zijn duur bij lokale IT ruimtes in tegen­stel­ling tot de data­cen­ters als internet knoop­punten van de digitale wereld. Niet alleen finan­cieel maar ook qua infra­struc­tuur en uitrus­ting, is men dus eigenlijk appelen met peren aan het vergelijken.”

Niet te stoppen

Wat men ook verge­lijkt, de weg naar the cloud lijkt onver­mij­de­lijk. Dat beaamt ook Gregory Pankert, Head of Telecom Infor­ma­tion Tech­no­logy, Media and Elec­tro­nics Benelux bij mana­ge­ment- en consul­ting bureau Arthur D. Little. “Door de toene­mende digi­ta­li­se­ring verwachten we dat er de komende 5 jaar 10 keer meer data­ver­keer zal zijn dan vandaag. Hiervan verloopt 90% van dat data­ver­keer tussen bedrijven. Vergeet niet dat appli­ca­ties en data niet aan één cloud toe behoren. Ze werken over verschil­lende clouds heen, zowel public als private clouds. We spreken hier dus van nog veel meer data dan wat we vandaag genereren. Binnen afzien­bare tijd kunnen bedrijven dat gewoon niet meer zelf beheren en opti­ma­li­seren, zelfs als ze dat zouden willen. Onder­schat ook het data­ver­keer binnen het data­center niet. Dit is 20 tot 100 keer groter dan wat er buiten het data­center gebeurt.”

In onze buurlanden zien we een gelijkaardige evolutie

Stijn Grove, Managing Director Dutch Data­center Asso­ci­a­tion, Board Member Climate Neutral Data Center Pact: “Er is in elk land in het begin een terug­hou­dend­heid om eigen data in een externe faci­li­teit te plaatsen. Dat is in Nederland niet anders geweest. Maar aangezien daar meer grote bedrijven zitten, zit de evolutie er wel al in een verder stadium dan in België. Duitsland is dan weer heel tradi­ti­o­neel wat IT betreft. Daar begint men nu pas zijn data weg te halen van het lokale niveau. Dat heeft te maken met een gebrek aan vertrouwen. De afgelopen twee jaar hebben nochtans aange­toond dat elk bedrijf vanuit een goed gecon­nec­teerd datacenter/​datacenters moet werken. Anders bereiken zij het eigen personeel, dat steeds meer vanop afstand werkt, niet meer of alleszins onvoldoende.”

Welke partner kies ik?

Vermits elk type data­center zijn speci­fieke rol heeft, zullen bedrijven niet voor het ene of het andere kiezen, maar net een combi­natie maken.

Gregory Pankert: “Het voordeel van lokale en regionale data­cen­ters, is dat zij ten opzichte van de public cloud aanbie­ders, veel opener zijn. Je kan er een vertrou­wens­band mee opbouwen, het is een wissel­wer­king. Daarom zijn zij inte­res­santer om je kritische bedrijfs­ap­pli­ca­ties onder te brengen. Die wil je niet bij de grote hypers­ca­lers plaatsen. Zij zijn dan weer wel inte­res­sant voor minder kritische bedrijfs­toe­pas­singen, projecten met korte looptijd of met een grote flexi­bi­li­teit behoefte.”

Friso Haringsma: “Het data­center is een ecosys­teem en een partner die zijn klanten adviseert op verschil­lende vlakken en hen in contact brengt met andere partijen in het ecosys­teem, die hen bijvoor­beeld op vlak van security, connec­ti­vi­teit of managed services kunnen helpen. Dat is heel anders dan bij een hypers­caler, die alles end-to-end aanbiedt op zijn voor­waarden, niet op die van jou. Data­sou­ve­rei­ni­teit is een groot voordeel van een regionaal data­center. En vergeet niet dat je er ook onder­han­de­lings­vrij­heid hebt.

Bovendien zitten externe data­cen­ters constant in opera­ti­onal excel­lence modus want zij worden constant geaudit: we doen onze eigen interne audits, daarna volgen de externe audits voor aller­hande certi­fi­caten en vervol­gens krijgen we audits van onze klanten. Dat is dan meteen ook een voordeel van een regionaal data­center, die openheid. Probeer als klant maar eens een audit te gaan doen bij een hyperscaler …”

Pin It on Pinterest

Share This